Stortplaatsen van Indaver

Deponie categorie 1 voor gevaarlijke afvalstoffen

Verbrandingsassen, residu's van de fysicochemische installaties en andere steekvaste en niet-giftige afvalstoffen worden gestort op de deponie categorie 1 in Antwerpen. Indaver legde de deponie aan op eigen terreinen, in overeenstemming met de best beschikbare technologie. Zo staat Indaver zelf garant voor een verantwoorde berging en is transport naar een ander terrein niet nodig.

Welke afvalstoffen mogen op de deponie?

  • Reststoffen van verbranding en/of behandeling van afvalstoffen
  • Gevaarlijke afvalstoffen na de nodige voorbehandeling
  • Asbesthoudende afvalstoffen
  • Gevaarlijke bedrijfsafvalstoffen
  • Bijzondere afvalstoffen die omwille van hun aard of samenstelling vergelijkbaar zijn met gevaarlijke bedrijfsafvalstoffen
  • Gevaarlijk puin en gevaarlijke afbraakmaterialen, inclusief asbestcement


Samenstelling en uitlooggedrag van de gestorte afvalstoffen

  • De aangevoerde afvalstoffen moeten steekvast zijn, zodat de stortplaats betreedbaar en de stabiliteit verzekerd is.
  • De afvalstof moet hoofdzakelijk anorganisch zijn en moet voldoen aan een aantal vereisten qua samenstelling.


Bescherming bodem en grondwater

De deponie is zo gebouwd dat haar impact op de omgeving minimaal is. 

Eerst wordt  een waterondoordringbare minerale laag aangelegd met daarboven een HDPE-folie van 2,5 mm. Dankzij een elektronisch lekdetectiesysteem kan Indaver op regelmatige basis de lekdichtheid van de folie controleren. 

Onder de folie zijn drainagebuizen aangebracht om de waterkwaliteit te controleren. Op de folie zijn percolaatschachten geplaatst met een drainagebuizennetwerk. Zo wordt het regenwater op de stortplaats afgepompt. Dit afgepompte percolaat wordt hergebruikt als proceswater in het solidificatieproces. 

Na het volstorten van de deponie wordt ze zorgvuldig afgedekt. Eerst worden bovenop de stortplaats een waterondoordringbare minerale laag en een HDPE-folie aangebracht. Vervolgens komen er een zanderige drainagelaag en een bewortelingslaag boven. Zo is er geen contact meer mogelijk tussen de afvalstoffen en de omgeving. Indaver voorziet nog een nazorg van 30 jaar.

Deponie categorie 2 voor niet-gevaarlijke afvalstoffen

Verbrandingsassen en andere steekvaste en niet-gevaarlijke afvalstoffen worden gestort op de deponie categorie 2 voor uitsluitend anorganisch niet-gevaarlijk afval met een laag gehalte organisch/biologisch afbreekbare stoffen. 

Indaver legde de deponie aan op de eigen terreinen in Doel, in overeenstemming met de best beschikbare technologie. Zo staat zijzelf garant voor een verantwoorde berging en wordt transport naar ver afgelegen terreinen overbodig. 


Welke afvalstoffen mogen op de deponie?

  • Niet-gevaarlijke reststoffen van verbranding en/of behandeling van afvalstoffen
  • Niet-gevaarlijke afvalstoffen na de nodige voorbehandeling
  • Niet-gevaarlijke bedrijfsafvalstoffen
  • Bijzondere afvalstoffen die omwille van hun aard of samenstelling vergelijkbaar zijn met niet-gevaarlijke bedrijfsafvalstoffen
  • Niet-gevaarlijk puin en niet-gevaarlijke afbraakmaterialen


Samenstelling en uitlooggedrag van de gestorte afvalstoffen

  • De aangevoerde afvalstoffen moeten steekvast zijn, zodat de stortplaats betreedbaar en de stabiliteit verzekerd is.
  • De afvalstof moet hoofdzakelijk anorganisch zijn en moet voldoen aan een aantal vereisten qua samenstelling.


Bescherming van bodem en water

De deponie is zo gebouwd dat haar impact op de omgeving minimaal is. Door de aanwezigheid van een combinatie van kleilagen en waterdichte HDPE folies, wordt vervuiling van de bodem of het grondwater onder de deponie onmogelijk. 

Het regenwater in de deponie wordt langs een draineersysteem afgepompt en intern hergebruikt als proceswater in de sproeidrogers van de roosterovens op dezelfde vestiging. Een elektronisch lekdetectiesysteem zorgt ervoor dat Indaver regelmatig kan controleren of de folie nog intact is. 

Als de deponie vol is, wordt ook de bovenzijde volledig afgewerkt met een afscherming die gelijkend is aan de bodembescherming, zodat een eventuele verspreiding van de afvalstoffen later onmogelijk is en geen water meer op de afvalstoffen terechtkomt. 

Share this page